arrow-intranet-overlay.png
Stichting Sarkon  Intranet
Bezoek hier ook ons Intranet!

Eén moment geduld...

Oops! Something went wrong while submitting the form :(

Icon-Home.png

07 maart 2016

Flexwet: gevalletje goede bedoelingen, averechts effect

Categorie: Algemeen nieuws

Negatieve gevolgen van de flexwet voor scholen

Op 1 juli treedt de Wet Werk en Zekerheid in werking (WWZ), ook wel de Flexwet genoemd. In deze wet wordt geregeld dat werknemers na de 3e aanstelling bij de school direct een vast contract krijgen bij de vierde  aanstelling.  Het doel van deze wet is om  flex-medewerkers meer zekerheid te geven over hun inkomen, een betere pensioenopbouw, doorbetaling in de vakantie en mogelijkheden te bieden voor het afsluiten van een hypotheek. Op zich een prima insteek, al heeft deze wet ingrijpende gevolgen voor het onderwijs…

Het probleem van deze wetgeving is dat besturen geen financiële middelen hebben om deze werknemers, die met name tijdens ziekte en verlof ingezet worden, een vaste baan aan te bieden.  Met name als er geen ziekte of verlof is, ontvangen deze collega’s wel salaris, maar ontvangen hiervoor geen vergoeding van het rijk. Schoolbesturen kunnen deze verplichtingen niet aangaan en zoeken naar wegen om de wet toch uit te voeren. Ondanks zeer veel tijd, energie en middelen die dit heeft gekost, is dit zeker niet bij alle besturen gelukt.

Het wordt voor scholen steeds moeilijker om vervangingsproblemen intern op te lossen, zeker als er meerdere zieken zijn. De wet houdt in dat in voorkomende gevallen in de toekomst bij ziekte en verlof er niet altijd een vervanger ingezet kan worden. Misschien is die vervanger er wel, maar als het de vierde aanstelling van deze werknemer is, dan wordt deze werknemer niet ingezet om geen verplichting aan te hoeven gaan. 

Kinderen krijgen dan geen invaller en worden verdeeld, er wordt intern met personeel geschoven of de kinderen worden naar huis gestuurd. Een slechte zaak voor de school, die worstelt om oplossingen te zoeken voor de vervanging van de leerkracht. Een slechte zaak voor ouders, die in voorkomende gevallen zelf hun kind moeten opvangen. maar vooral een slechte zaak voor de kinderen, die de dupe worden van onuitvoerbare wetgeving.

Wij zijn niet gelukkig met deze wet en willen dat deze wet wordt aangepast. Er dient meer geld beschikbaar te komen voor het personeel, zodat we in staat zijn om ook tijdelijk personeel een betrekking aan te bieden. De wet dient aangepast te worden, zodat we altijd vervanging in kunnen zetten als dat nodig is. 

Wij zullen als school de komende tijd een krachtig signaal laten horen aan de politiek. We hopen dat het niet zover hoeft te komen dat we klassen naar huis moeten sturen, maar als het moet, dan moet het. We houden u op de hoogte van de stand van zaken rondom de uitvoering van deze wet. 

 

Aanvullende informatie over de flexwet

 

Flexwet…? Flex weg!

 

De wet Werk en Zekerheid (de zogenaamde flexwet) zoals deze in de huidige vorm is opgesteld, is rampzalig voor het onderwijs. Schoolbesturen en scholen wringen zich in allerlei bochten om tegemoet te komen aan de eisen van de ze wet. Het resultaat: alleen maar verliezers. Hierbij een korte uitleg hoe dit komt.

 

Wat is de flexwet?

 

Na 3 –korttijdelijke- aanstellingen of uitbreidingen van aanstelling heeft een medewerker vanaf 1 juli 2016 bij de vierde aanstelling recht op een vast contract op basis van deze laatste aanstelling. De overheid wil hierdoor de rechtspositie van deze medewerkers versterken, zodat zij zekerheid hebben over onder andere hun inkomen, doorbetaling in de vakantie, mogelijkheden voor het verkrijgen van een hypotheek. Meer rechtszekerheid, geen uitbuiting is het streven, niets mis mee dus! Of toch??

De wil is er, het geld is er niet.

 

Schoolbesturen krijgen al jaren structureel te weinig middelen om het onderwijs goed te kunnen uitvoeren. Deze tekorten worden onder meer veroorzaakt door de krimp van het aantal leerlingen, (dus minder inkomsten),  stijging van allerlei kosten zonder compensatie van de overheid, de verhoging van allerlei premies, de extra financiële verplichtingen die besturen hebben zoals de transitievergoeding bij ontslag (zonder hiervoor voldoende geld te krijgen!) Gevolgen: grotere klassen, hogere werkdruk en bezuinigingen op materieel en personeel. Scholen willen wel vast personeel aanstellen, maar hebben hiervoor geen geld. Het extra aanstellen van vast personeel schept voor besturen onverantwoorde verplichtingen, waarbij de besturen zelf voor de gevolgen opdraaien als er ontslagen moeten vallen. Kern van het bezwaar: de wetgever eist van alles, maar weigert hiervoor voldoende middelen ter beschikking te stellen. Dit betekent dat de zekerheid die de wetgever wil bieden aan de werknemer om voor een vaste aanstelling in aanmerking te komen, een schijnzekerheid is. Uitvoering van deze wet zadelt besturen en scholen op met extra werk, hoge kosten en veel werkdruk om constructies te bedenken om onder deze verplichting uit te komen.

En uiteindelijk schiet niemand hier iets mee op.

Negatieve gevolgen voor het onderwijs

 

Schoolbesturen vermijden al langere tijd het aannemen van vast personeel en bedenken allerlei constructies om dit te voorkomen. Dit kost enorm veel tijd en energie, die niet aan onderwijs besteedt wordt. Daarnaast zorgt deze nieuwe wet voor een grote hoeveelheid administratie, zeker als alle invallers een vaste baan gaan krijgen. Regionale Transitie Centra (een pool van invalleerkrachten van verschillende besturen in een bepaalde regio) lijken een oplossing, maar ook dit is dweilen met de kraan open: rechtszekerheid en thuisnabij werken wordt zeer lastig. Bovendien lukt het niet overal om een RTC op te richten, mede door de onzekerheden en de financiële tekorten aan gelden waar de besturen toch mee blijven kampen.

Scholen krijgen te maken met personeelstekorten, met name bij kortdurende vervanging bij ziekte. Omdat geen invallers aangetrokken kunnen worden, worden klassen verdeeld, directies, IB-ers en ondersteuners gaan voor de klas, met een ontwrichting van de schoolorganisatie tot gevolg. Het verdelen van groepen of het naar huis sturen van kinderen zijn andere oplossingen. Taakbeleid en buitenschoolse taken worden grotendeels door het zittende personeel ingevuld. Gevolg: extra werkdruk op de al bestaande hoge werkdruk.

Saillant detail: op 30 juni 2016 stopt voor veel tijdelijke leerkrachten de aanstelling, zodat het bestuur geen verplichtingen hoeft aan te gaan. Gevolg: de laatste weken van het schooljaar is er geen leerkracht of vervanger beschikbaar of er komt een leerkracht die de school en de kinderen niet of onvoldoende  kent. Dit levert veel frustratie op bij ouders, leerkrachten en kinderen.

Leerkrachten zijn ook zelf de dupe van deze wet. Schoolnabij invallen is al snel niet meer mogelijk, waardoor je als leerkracht je heil moet zoeken bij andere besturen, vaak verder weg. Pas na een half jaar mag je weer invallen bij het “eigen” bestuur, uiteraard maximaal 3 keer, want een vierde keer komt er niet. Leerkrachten met een tijdelijke aanstelling voor 1 jaar staan achteraan: de invaller bij ziekte die 3 keer heeft ingevallen, heeft meer rechten op een vaste aanstelling. Leerkrachten die elders willen invallen, hebben meer reistijd, kennen de school(organisatie) niet of onvoldoende en kunnen ook dan maar maximaal 3 keer invallen. De motivatie om in te vallen neemt af, omdat de betrokkenheid van leerkrachten vaak bij de eigen school of in de eigen omgeving ligt. Los hiervan zijn er de extra administratieve  lasten die de leerkrachten en schoolbesturen op hun bordje krijgen. Ook de instroom van jonge leerkrachten stagneert: oudere leerkrachten die vertrekken worden niet vervangen. Jonge leerkrachten zitten thuis op de bank, terwijl de school worstelt om de kinderen goed op te vangen.

Kinderen zijn uiteindelijk nog het meest de dupe van deze maatregel. Onvoldoende continuïteit en onrust, te weinig structuur in de  klas. Het is onduidelijk hoe de dag gaat verlopen en wie bij ziekte jouw leerkracht wordt.  Er kan onvoldoende worden aangesloten bij wat de kinderen nodig hebben in zowel didactische als pedagogisch opzicht.

 

Een duidelijk signaal !

 

Er zijn nauwelijks scholen te vinden die achter de uitvoering van deze wet staan. Ook organisaties die bij het onderwijs betrokken zijn en onze belangen behartigen geven aan hier moeite mee te hebben. Deze wet is slecht voor het onderwijs en de leerkrachten, want het beoogde doel, zekerheid voor werknemers, wordt op deze manier niet bereikt, met grote nadelige gevolgen voor de kwaliteit en continuïteit van het onderwijs.

Het onderwijs is altijd loyaal geweest naar overheid, ouders en kinderen. Het wordt tijd dat we stoppen met “het braafste jongetje van de klas” te zijn. Genoeg is genoeg: de tijd dat we als onderwijs steeds maar oplossingen gaan verzinnen voor wetgeving die het onderwijs niet ten goede komt is voorbij!

 

En nu? Dit moet gebeuren!

 

Er is een zeer grote bereidheid om in actie te komen tegen deze wet. Deze wet moet aangepast worden of van tafel. Naast deze wet zijn er meerdere zaken die noodzakelijk zijn voor het kunnen bieden van goed onderwijs, alle in samenhang met een dekkende financiering:

·         Geen verplichting om personeel een vaste aanstelling te geven na 3 keer invallen / 3 tijdelijke aanstellingen.

·         Compensatie voor de tekorten die de schoolbesturen in de afgelopen jaren hebben opgebouwd

·         Structureel extra geld voor het onderwijs om de werkdruk te verminderen

·         Structureel meer geld om de noodzakelijke basisuitgaven te kunnen doen voor de scholen: een realistische vergoeding voor zowel personele als materiele kosten die het onderwijs maakt.

·         De transitievergoeding van tafel of een realistische compensatie voor de kosten die schoolbesturen moeten maken.

Het alternatief

 

Is het te laat om dit signaal te laten horen? Zeker niet! “Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald” is een gezegde dat hierop uitstekend van toepassing is. Actie is noodzakelijk, zowel op politiek niveau als op de scholen zelf. Niet alleen tegen deze wet, maar ook tegen alle bezuinigingen die de afgelopen jaren in het onderwijs zijn doorgevoerd.

En: mocht de overheid vasthouden aan deze wet zonder het onderwijs voldoende te compenseren, dan rest maar 1 ding.   Geen leerkracht? Geen les!

Namens de collega’s van Stichting Sarkon te Den Helder: Andre de Ruijter, Paul Spit, Arthur Nowack.
 
Flexwerkers
 

In het nieuws:

Artikel op NOS.nl

Artikel in het AD

 

‹ vorige berichtvolgende bericht › Overzicht